Storend gedrag

Hoe jij omgaat met ongemotiveerde leerlingen en gedragsproblematiek.

Hier heb ik wel even over na moeten denken.

Deze vraag stelde een van de startende docenten die mijn vragenlijst invulde. Mijn vraag in die enquête was: waar zou je graag meer over lezen?
En natuurlijk snap ik dit onderwerp. Maar poe hé, ja, hoe doe je dit eigenlijk.

Eerst zocht ik naar voorbeelden voor mezelf. Voorbeelden van ongemotiveerde leerlingen. En ik bedacht me dat waar de ene leerling ongemotiveerd is omdat zij*wiskunde stom vindt, is de andere ongemotiveerd omdat het te moeilijk, of juist te makkelijk is. Of omdat zij toch al weet dat ze blijft zitten. Of misschien zijn haar ouders net gescheiden en heeft ze echt wel wat anders aan haar hoofd dan de abc-formule. En terecht.

En zoiets geldt ook voor gedragsproblematiek. Je kunt er pas wat mee als je weet wat erachter zit. Dus geen on-size-fits-all oplossing. Geen quick-fix hier. Maar is dat ook niet wat ons vak juist zo leuk maakt?

Wat dan wel? Begrip. Van de ijsberg en van de leerling. Hier komt de ijsberg, de leerling heb jij zelf in je klas:

David McClelland gebruikte het ijsbergmodel

om aan te tonen dat zichtbaar gedrag wordt bepaald door onderliggende factoren als gedachten, zelfbeeld, en wat iemand (bewust of onbewust) wilt.

Dus boven water zie je: “wat doet ze?”. Dit gaat om dat storende gedrag waar jij last van hebt.

Maar onder water zit haar gedachten en wat ze eigenlijk wil. Die zaken beïnvloeden haar gedrag. Wanneer je daar op in kunt spelen, ben je effectiever in het sturen van gedrag in je klas.

ijsberg over gedrag

Een voorbeeldje: de leerling die snel boos reageert

Ze gooit bij binnenkomst in je lokaal haar spullen op tafel, reageert geïrriteerd op jou en gaat met je in discussie.
Daar heb je als docent last van en je bent geneigd om dat af te keuren. Nog een keer te waarschuwen en een volgende keer komt er een sanctie bij kijken. Zo gaat jouw esclatieladder.

Maar wat als je nu zou weten dat haar zus vannacht weer veel te laat thuis kwam en ze haar ouders er ruzie over heeft horen maken. Zoals altijd. En daarbij heeft haar vriendin zich vanmorgen ziek gemeld en moest ze alleen naar school. Waar ze te laat kwam omdat ze haar tas vergeten was en terug moest fietsen om die op te halen.

Wat zou je dan doen?

ijsberg over gedrag

Nog een ander voorbeeld: ze maakt de hele tijd grappen

en voordat je de les begonnen bent heeft ze de aandacht van haar klasgenoten al te pakken. Tijdens de les gaat het door en praat ze door je les heen. Erg storend voor jou terwijl je een goede les probeert te draaien.

Ondertussen is ze eigenlijk erg onzeker. Over haar schoolwerk, ze is bang om fouten te maken. Over of ze er wel bij hoort. Ze eigenlijk behoefte aan vertrouwen en waardering. Maar ze bereikt misschien wel het tegenovergestelde als we niet achter haar gedrag kijken.
Want dan gaan we dit gedrag bestraffen. Beter zorg je ervoor dat je haar ziet; gewoon in het klein haar even begroeten. En help je haar tijdens het zelf werken even, of kijk je even of het allemaal lukt bij haar. Doe dit niet klassikaal zodat ze weer het middelpunt van de aandacht is, maar in het klein, 1-op-1. En natuurlijk moet het gedrag klassikaal begrensd worden. Maar ondertussen werk je aan je band met haar.

ijsberg over gedrag

Hoe doe je dit nu?

Je ziet niet van al je leerlingen die ijsberg natuurlijk. Terwijl het dus wel relevant is om even verder te kijken dan alleen naar het gedrag.

Ik noem het een stapje-terug-doen. Even wat afstand nemen en (in gedachten) kijken naar wat er nu precies gebeurt. Bedenken wat er aan de hand kan zijn; soms weet je wat meer over een leerling. Bijvoorbeeld over wat er thuis speelt.

Bedenk wat deze leerling volgens jou nodig heeft. En dan ga je het uitproberen.
Ga gewoon eens kijken hoe de leerling reageert als je eens wat vraagt aan haar, of simpel even met haar kletst of begroet.
Misschien vindt ze het wel onwennig als je een compliment geeft omdat ze een opdracht heeft geprobeerd ook al zaten er fouten in. Ze heeft wel moeite gedaan en jij waardeert dat.
Misschien krijg je een kleine onopvallende glimlach als je tegen je leerling zegt dat je het fijn vindt dat ze er is. Want thuis is het ingewikkeld en het is een hele klus voor haar om op tijd op school te komen.
Dan weet je dat je goed zit.

Wees positief, probeer het uit en kijk naar wat er gebeurt. En deel complimenten uit, sowieso, aan al je leerlingen! Complimenten, niet alleen op resultaat (mooi hoor, een 8!), maar juist ook op het proces (ik zie dat je hard gewerkt hebt). Dat doet ieder kind goed en geeft een fijne sfeer in je les.

1: waar je “zij” leest, kun je ook “hij” of “die” lezen.


Meesterlijke Mail; jouw gids door het schooljaar in het voortgezet onderwijs. Abonneer je hier: